Niet alleen aan Zwarte Piet, zo viel overal op het plein te horen; aan allerlei tradities die typisch Nederlands worden geacht en waar sommigen liefst nu nog een einde aan willen maken. Aan Zwarte Piet bijvoorbeeld, omdat die figuur tot racisme zou aanzetten en een karikatuur zou zijn van zwarte mensen. Maar wat nou racisme, vroeg een van de aanwezigen zich af. Sinterklaas was een Turk die Moren vrijkocht en slaven hun vrijheid teruggaf.

De discussie over het vermeende racisme gaat wat de als klassieke Zwarte Pieten geschminkte Ab en Jaap betreft aan kinderen voorbij. Ab zegt het nog sterker te kunnen vertellen: kinderen met een kleurtje gaan graag met hem op de foto wanneer hij Zwarte Piet is. En dat blijft hij voorlopig ook, benadrukt hij; ook als het hem een boete zou opleveren. Want ook hij ziet geen racisme in de figuur die hij speelt. Sinterklaas is een kinderfeest, vindt hij, en voor de kinderen speelt hij Zwarte Piet.

Meer mensen vertellen dat Sinterklaas èn Zwarte Piet in Suriname en op de Antillen geen problemen ondervinden en dat het racisme dat in Nederland wordt gezien daar niet wordt herkend. Dit verhaal was bij de haven ook te horen: een meisje met een kleurtje mocht in haar schoolklas niet voor Zwarte Piet spelen omdat ze daar te donker voor zou zijn.

Sonny van der Heijden noemt dat dan weer racisme. Het concentreert de aandacht op de plek waar dat niet zou moeten: iemands buitenkant. En het gemoderniseerde liedje ‘Sinterklaasje kom maar binnen zonder knecht’ is aan hem niet besteedt. Hij zegt gewoon ‘met je knecht’ te zingen.