Helemaal weg is dokter Baak nog niet. Er zijn nog wat administratieve dingen te doen en papieren dossiers te scannen om in de computer te zetten. Het beruchte zwarte gat waar huisartsen die met pensioen gaan nog wel eens voor waarschuwen? Henk Baak verwacht het niet te zien. Er is bijvoorbeeld de muziek waar hij nu meer tijd aan kan besteden. De afgelopen jaren zong hij bij een oratoriumvereniging in Amsterdam en in het Haagse Huisartsenkoor. “Bertie van Spronsen leidt dat,” zegt Baak. “Ik ken haar uit het Haga-ziekenhuis waar ze nascholingen aan huisartsen begeleidt.” Na een van de scholingen ontstond een gelegenheidskoor. Een aantal huisartsen uit de Haagse regio vond het leuk om met elkaar muziek te maken. Dat zijn er nu zo’n twintig.

Huisartsenpraktijk het Baken

Zo leerde Baak ook Mirjam Willems kennen, één van zijn opvolgsters. Zij zet met Carlien Sturm-Bos de praktijk aan de Badhuisweg 78 te Scheveningen voort als Huisartsenpraktijk het Baken. Dokter Willems nam sinds oktober 2016 de praktijk al een dag in de week waar. “Een jaar eerder zongen we samen in het Huisartsenkoor,” zegt Baak. In februari van het vorige jaar nam ze op zijn verzoek meer dagen waar en vroeg toen dokter Sturm-Bos om mee te helpen. Want die kende ze goed. Daar kwam nog bij dat ze ook enkele maanden stage had gelopen in Afrika, dus er was meteen een gezamenlijke interesse om over te praten, zegt Baak.

Baak studeerde in 1982 af en volgde een jaar later de huisartsenopleiding. “Dat was toen nog één jaar. Daarvoor waren we anderhalf jaar op stage in Suriname geweest om te zien of de tropen nou wel wat voor ons was.” Dat was het en hij zag dat de benadering van de huisarts in de tropen goed van pas kwam. “Dus niet alleen maar operaties doen en lichamelijk letsel behandelen maar ook naar de bevolking kijken. Is er ondervoeding? Is er aids? Is er armoede en zijn voorlichting en vaccinaties nodig?”

Zimbabwe

Baak werkte van 1987 tot 1991 met zijn vrouw voor Dienst over de Grenzen in Zimbabwe. “We waren in dienst van de Zimbabwaanse overheid maar de kerkelijke organisatie gaf er leiding aan. We dachten er te blijven, maar toen kregen we onze zoon Bram en gingen we terug naar hier.” Baak zegt blij te zijn dat hij en zijn vrouw met hun tropenervaring de huisartsenpraktijk konden beginnen. “Je hebt wat meer levenservaring en kijkt verder dan je neus lang is. Ook al is het van een andere orde; het laat onverlet dat leed altijd leed is: hier en daar.”

Huisarts zijn is topsport beoefenen, vindt Baak. “Ik had de gewoonte om voor elke patiënt twintig minuten uit te trekken in plaats van de tien minuten die huisartsen daar gemiddeld voor aanhouden.” Er zijn heel wat complexe zaken die nu eenmaal meer tijd vergen. Zo hou je het ook langer vol en heb je meer plezier van je werk.” Het is ook niet zomaar een beroep, benadrukt Baak: “Het is een bestaan.”

Een lange rij in Muzee Scheveningen om afscheid te nemen van dokter Baak

Patiënten

Baak had zo’n 1700 patiënten in zijn praktijk. Voor een deel mensen uit Scheveningen en omdat de praktijk bij het Belgisch Park was gevestigd, kwamen er ook veel expats; mensen van buitenlandse organisaties als het Joegoslavië Tribunaal, Shell en de Nato. Die kwamen vooral in de jaren dat Baak de praktijk had. Dokter Eijsenga van wie hij in april 1993 de praktijk overnam, bood ook aanvullende geneeskunde aan in de vorm van onder meer homeopathie, acupunctuur, ozontherapie en de antroposofische aanpak. “Patiënten konden toen kiezen of ze bij mij wilden blijven of liever overgingen naar mijn collega Korte die nu in de Badhuisstraat zit,” zegt Baak. “De praktijk is toen ook wat kleiner geworden. Ik sta open voor andere benaderingen, maar je moet het wel in de vingers hebben. In de tropen heb ik ook wel bijzondere dingen meegemaakt waarvan ik niet wilde zeggen: ik begrijp het niet dus het werkt niet.”

Baak is stap voor stap dokter geworden. “Mijn opleiding is stap voor stap gegaan; van de mulo op Scheveningen tot aan de universiteit. Ik was goed in exacte vakken als wis- en scheikunde.” Onder andere zijn latere vrouw Janneke die hij op de mulo leerde kennen bracht hem met de medische wereld in aanraking. Hij overwoog nog even medische fysica te studeren aan de Universiteit Twente, maar het werd toch geneeskunde. Het was ook zijn latere echtgenote die hem interesseerde voor het werk in de tropen. Dat wilden ze samendoen. “Daarom moesten we even wachten op een plek waar we samen naar toe konden.” En dat werd Zimbabwe.

Tuchtcollege

Dokter Baak blijft nog zitting houden in het regionaal tuchtcollege voor de gezondheidszorg te Den Haag. Dat werk hoopt hij nog enkele jaren te kunnen doen. Hij zou dat nog maximaal vijf jaar mogen doen, maar hij noemt dat niet waarschijnlijk omdat een huisarts niet te lang uit de dagelijkse praktijk mag zijn.. Dat doet hij nu vijf jaar. Veel artsen volgen het want het gaat volgens Baak veelal over gevallen die ook hen hadden kunnen overkomen. “En dat weet je zelf ook wanneer je aan de andere kant van de tafel zit.”

Lid van het medisch tuchtcollege wordt iemand overigens alleen op uitnodiging van de Kroon, legt Baak uit. Dat voelt in zijn woorden als een eer. Zo’n uitnodiging komt niet zomaar; daar gaat een strenge toetsing aan vooraf. Het tuchtcollege komt ongeveer een keer per maand bijeen en Baak geeft met de andere leden af en toe een advies. “Dat draagt bij aan het gevoel dat je nog dokter bent,” vindt hij. “Een mooie afbouw!”

Vele aanwezigen namen afscheid van dokter baak in Muzee Scheveningen (IMG_2658)