De grootste partij in de Haagse gemeenteraad, Hart voor Den Haag/Groep de Mos, vraagt het stadsbestuur in te grijpen. William de Blok: “Het college houdt zich niet aan de toezegging om de sloop en nieuwbouw zo veel mogelijk op elkaar aan te laten sluiten, ik wil dat het college de ontwikkelaar erop aanspreekt om de bouwwerkzaamheden snel op te starten”. Raadslid René Oudshoorn vult aan: “Er is een gapend gat geslagen in het hart van Scheveningen Bad, omwonenden kijken daar nu op uit en het geeft geen positief beeld aan toeristen zo vlak voor het seizoen. Ik roep de wethouder op om deze sloopput snel tot ontwikkeling te brengen of anders tijdelijk een andere bestemming te geven die recht doet aan de allure van onze mooie badplaats”.

Beide raadsleden stellen vragen aan het stadsbestuur en willen onder meer weten wanneer de bouwwerkzaamheden aanvangen en of het stadsbestuur anders hierop gaat aandringen bij de ontwikkelaar.

 

Schriftelijke vragen start bouw Harstenhoekweg

Overeenkomstig Artikel 30 van het Reglement van Orde stellen de leden René Oudshoorn en William de Blok (Hart voor Den Haag/Groep de Mos) vragen aan de voorzitter van de Haagse gemeenteraad.

Door omwonenden is de fractie van Hart voor Den Haag/ Groep de Mos erop geattendeerd dat de locatie Harstenhoekweg/ Badhuisweg al enkele maanden braak ligt. Raadsleden René Oudshoorn en William de Blok zijn op de locatie gaan kijken en troffen inderdaad een braakliggend terrein aan.

  • Is het college op de hoogte dat er op de locatie hoek Harstenhoekweg/ Badhuisweg reeds enkele maanden een braakliggend terrein ligt en kan het college aangeven wanneer de bouwwerkzaamheden zullen aanvangen? Zo nee, waarom niet?

 

  • Uit de beantwoording van eerdere vragen over de Harstenhoekweg (RIS296878) stelde het college dat het de wens is van de initiatiefnemer en de gemeente om sloop en nieuwbouw zo veel mogelijk op elkaar aan te laten sluiten. Is dit juist? Zo nee, waarom niet?

 

  • Uit de beantwoording van eerdere vragen over de Harstenhoekweg (RIS296483) blijkt tevens dat het college van mening is dat het wenselijk is dat sloop en nieuwbouw op elkaar aansluiten, dat braakliggende terreinen niet wenselijk zijn in verband met mogelijke overlast en ook de buurt gebaat is bij één doorlopend proces. Is dit nog steeds zo? Zo nee, waarom niet?

 

  • Is het college bereid om, indien de bouwwerkzaamheden op zich laten wachten, de ontwikkelende partij hierop aan te spreken en te bewegen direct met de bouwwerkzaamheden te starten? Zo nee, waarom niet?

 

  • Indien de bouwwerkzaamheden zijn vertraagd is het dan college bereid om het braakliggende terrein tijdelijk een andere bestemming te geven die wel recht doet aan de allure van onze mooie badplaats?